De basis van de fijne motoriek wordt al vroeg gelegd. Als baby ontdekt uw kind dat de handen voor allerlei dingen gebruikt kunnen worden: iets oppakken, voelen, vasthouden of steun zoeken. Daarna ontdekt een baby stap voor stap dat ook de vingers een belangrijke functie hebben.
Fijne motoriek per leeftijd FAQ: fijne motoriek

Onder fijne motoriek verstaan wij alles wat een kind met de handen kan grijpen, manipuleren en loslaten. Het gaat om de kleinere, precieze bewegingen van armen, handen en vingers. Denk aan knippen, plakken, tekenen of leren schrijven. Ook veters strikken en aankleden vallen onder de fijne motoriek.
Wanneer een kind naar school gaat, worden deze vaardigheden steeds belangrijker. Juist dan worden eventuele problemen vaak beter zichtbaar. In veel gevallen zijn leerkrachten daarom de eersten die fijn motorische problemen bij kinderen opmerken. Het kan bijvoorbeeld gaan om zelfstandigheid bij aan- en uitkleden, het hanteren van een potlood of vaardigheden zoals knippen, kleien en knutselen.
| Leeftijd | Ontwikkeling | Oefeningen/spelletjes | Signalen van achterstand |
|---|---|---|---|
| 0 tot 3 maanden | Reflexmatige grijpreacties, kortstondig vasthouden van objecten | Tummy time, rammelaars in hand geven, handmassage | Weinig spontane handbewegingen, grijpt niet naar objecten |
| 3 tot 6 maanden | Actief grijpen naar voorwerpen, hand naar mond coördinatie | Mobieltjes boven wieg, grijpspelletjes, rammelaars | Grijpt weinig, hand niet openen of gesloten houden |
| 6 tot 9 maanden | Overpakken van speelgoed, voorwerpen gericht oppakken met hele hand | Speelgoed wisselen van hand, voelboekjes, knijpspeeltjes | Geen interesse in objecten, niet wisselen van hand |
| 9 tot 12 maanden | Pincetgreep ontwikkelt zich, blokjes stapelen | Blokken laten stapelen, objecten sorteren, voelmaterialen | Geen pincetgreep, laat speelgoed vaak vallen |
| 12 tot 18 maanden | Eten met vingers, simpele bloktorens maken | Blokken torens bouwen, vingerverven, eten met lepel oefenen | Moeite met eten, blokken vallen om, weinig controle |
| 18 tot 24 maanden | Gebruik van lepel, meer controle bij blokken stapelen en blad omslaan | Sorteerspelletjes, boekjes omslaan, kralen rijgen met grote kralen | Lepel verkeerd vasthouden, blad niet omslaan, onhandige bewegingen |
| 2 tot 3 jaar | Gebruik van potlood in vuistgreep, krassen, eerste cirkels | Krassen met vetkrijt, peuterpotloden, spelen met klei | Geen interesse in tekenen, ongerichte krassen |
| 3 tot 4 jaar | Knippen met schaar, tekenen van rondjes en kruisjes | Knutselen, knippen langs lijnen, kralen rijgen, veterspelletjes | Kan niet knippen, houdt schaar verkeerd vast, geen herkenbare vormen |
| 4 tot 5 jaar | Potloodgreep verfijnt zich, tekenen van herkenbare vormen en poppetjes | Tekenopdrachten, letters oefenen, veters strikken | Grove potloodgreep, moeite met vormen natekenen |
| 5 tot 6 jaar | Naam schrijven, vormen natekenen, fijne controle bij knutselen | Schrijfoefeningen, kleine knutselwerkjes, vouwen en plakken | Slordig schrift, moeite met fijne taken zoals knopen of strikken |
Uw kind:
Wij analyseren het probleem en de mogelijke oorzaak met verschillende testen die passen bij de leeftijd van uw kind. Als er sprake is van een motorisch probleem, kan de kinderfysiotherapeut hiermee aan de slag.
We onderzoeken uw kind op mogelijke oorzaken van de motorische achterstand. Daarbij kijken we onder andere naar spierspanning, houding en oog-handcoördinatie. Afhankelijk van de uitkomst van het onderzoek stimuleren we de motorische ontwikkeling met specifieke, functionele oefeningen. Deze oefeningen worden opgenomen in een behandelplan voor uw kind.
U speelt als ouder een belangrijke rol in de motorische ontwikkeling van uw kind. U kunt de fijne motoriek spelenderwijs stimuleren. Hieronder staan enkele praktische tips voor kinderen van 0 – 4 jaar. Omdat elk kind zich in een eigen tempo ontwikkelt, noemen we hier geen vaste leeftijd. Zodra uw kind een vaardigheid goed beheerst, kunt u hem of haar weer verder stimuleren en uitdagen.